INSPIRATIE MAAKT VERSCHIL

Waarom eigenlijk vrijheid van onderwijs? 

De overheid zegt erg gecharmeerd te zijn van de vrijheid van onderwijs. Maar in de praktijk gedraagt zij zich anders.

Goed onderwijs vertegenwoordigt een niet te onderschatten belang. Een probleem is wel dat we het over onderwijs niet eens worden, ook wetenschappers onderling niet. Wat is goed onderwijs precies? Intussen handelt onze overheid naar bevind van zaken en bemoeit zich steeds meer met aard en inhoud van scholen. Onderwijs is haar aanhoudende zorg, staat er in onze grondwet. Vandaar. Maar tegenwoordig is ze in zekere zin te zorgzaam.

Belemmerd
Opvallend genoeg is de huidige regering, net zoals eerdere kabinetten, zeer te spreken over de vrijheid van onderwijs, die ook in de grondwet staat, in artikel 23. Merkwaardig. Voelt de regering zich hierdoor dan niet belemmerd? Ik kom daar nog op.

Thuisonderwijs
Positief dus over onderwijsvrijheid. Staatssecretaris Sander Dekker stuurde er een brief over aan de Tweede Kamer. Dankzij onderwijsvrijheid zijn scholen gevarieerd en hebben ouders en leerlingen daadwerkelijk iets te kiezen. Dekker wil deze vrijheid zelfs uitbreiden. Het moet mogelijk worden gemaakt dat mensen een school oprichten, los van de bestaande richtingen. Tegenstrijdig daarmee is het dan wel dat hij tegelijkertijd het thuisonderwijs wil dwarsbomen, maar dit terzijde.

Onderwijsvrijheid werkt
Dekker kiest voor een pragmatische benadering en zo op het eerste gezicht voel ik daar wel voor. Het idee ‘onderwijsvrijheid’ blijkt goed uit te pakken. Gebruik ideeën zolang ze werken, laat ze vallen zodra dat niet meer het geval is. Onderwijsvrijheid is een praktisch idee dat plaatselijk een variatie in aanpak van het onderwijs mogelijk maakt. Er is ruimte voor wijziging, onderwijsmethoden zijn voorlopig en kunnen vervangen worden door andere. Het is de bedoeling dat mensen hun vrijheid benutten om initiatief te nemen en veranderingen aan te brengen als dat nodig is. Zo doen mensen zelf mee.

Dienstbaar
Dekkers brief is van grote betekenis. Namens de regering honoreert hij namelijk de diversiteit in de samenleving. Hij geeft aan ouders en leraren de ruimte om naar eigen inzichten en met waardering voor een bepaalde levensstijl, een school te stichten en het onderwijs ervan zelf in te richten. Mensen nemen verantwoordelijkheid, zo wil hij. Zo zijn scholen in de samenleving geworteld.

Vrije gemeenschappen
Daarmee lijkt deze brief te appelleren aan het subsidiariteitbeginsel, dat een belangrijk bestanddeel is van het katholiek sociaal denken. En met dit denken graven we dieper dan de pragmatische benadering doet. Waar het om gaat, is dat er vrije gemeenschappen ontstaan die zichzelf opbouwen, van onderop. Goede kwalitatieve en relationele processen zoals onderwijs zijn gestoeld op zulke verhoudingen. We noemen ze ‘subsidiair’: hiërarchisch gezag dat ieder lager gezag ondersteunt om zijn eigen doelen te bereiken.

Dienstbaar
Subsidiair gezag is dus altijd dienstbaar aan een ondergeschikte, dat wil zeggen dat het de behoefte van anderen herkent en tracht te vervullen. Mensen worden een goed mens en burger dankzij gemeenschappen die zo werken. Ouders hopen dat de uitgekozen school zo werkt.

Ondermijnd
Ik kom nu aan bij een tweede tegenstrijdigheid. Subsidiariteit gaat dus niet over beheersing, controle; ze gaat over het goede in het leven. Daarom heeft de VKO ernstige kritiek op de verregaande bemoeienissen van de overheid met de gang van zaken op school en in de klas. Inhoud en methoden worden bijkans voorgeschreven. Er ontwikkelt zich een overheidsmonopolie van de onderwijsinhoud, ook wat de sociale kwaliteit van het onderwijs aangaat. Onderwijskwaliteit is wat de overheidsinspectie daarover definieert.

Foute situatie
Het is een in haar grondslag foute situatie. Ze zal het vakmanschap van de leraren, de betrokkenheid van ouders en de handelswijzen van lokale gemeenschappen ondermijnen. Ze vermindert het verantwoordelijkheidsgevoel van de directbetrokkenen. Hun zicht op het geheel vermindert.

Leraren
Paradoxaal genoeg bereikt de overheid hiermee precies het tegenovergestelde van wat zij beoogt: goede scholen. Als ze wijs is, volgt er op Dekkers brief nog een tweede. Daarin zou dan moeten staan dat de overheid de inrichting van het onderwijs vooral overlaat aan deskundigen, leraren met name.

Dick Wijte is voorzitter van de NKSR.

Cover Reflexief 1-3 Cement van de samenleving-klein

 

 

Cover van 2005 Sociaal prakticum of maatschappelijke stage

   Lees meer...

Cover Reflexief 1-4 Het nieuwe leren-klein

 


Cover van 2006 Kadertekst Een kwaliteitsperspectief voor de katholieke school

   Lees meer...

Cover Reflexief 1-1 De markt als maatstaf-klein

 

 

Cover 2003 visietekst Verbinden en vertrouwen def

   Lees meer...

Cover Reflexief 1-2 De nieuwe leerling-klein

 

Cover van 2005 Beleidsplan Inspiratie maakt verschil

   Lees meer...